Eerste keuring kampeervoertuig

Algemeen

De kampeervoertuigen moeten voor de eerste keer voorgereden worden voor een technische keuring na de inschrijving.

Vereiste documenten

Voor kampeervoertuigen zijn de vereiste documenten bij het voorrijden in een technisch keuringscentrum dezelfde als de documenten voor de voertuigen van categorie M1 (personenwagens).

STAP 1 - Identificatie van het voertuig

Tijdens de keuring zal de inspecteur nagaan of de nodige documenten geldig zijn en of ze wel overeenkomen met het voertuig dat voorgereden wordt.

Boorddocumenten

  • inschrijvingsbewijs
  • gelijkvormigheidsattest

Gegevens van het voertuig

  • inschrijvingsplaat
  • chassisnummer
  • identificatieplaat

STAP 2 - Milieukeuring

Naargelang het voertuigtype wordt een keuring uitgevoerd op de uitlaatemissies, eerst door meetapparaten, nadien door een visuele keuring van de uitlaatinrichting door de inspecteur.

  • rookmeting voor de dieselvoertuigen
  • CO-meting van de uitlaatgassen voor de benzine- of LPG-voertuigen en meting van de lambdawaarde

STAP 3 - Weging van het voertuig

Kampeerwagens

Het voertuig wordt in het keuringscentrum gewogen. Op basis van het resultaat van die weging wordt het nuttig laadvermogen berekend. Het nuttig laadvermogen is het aantal kilograms waarmee de kampeerwagen mag geladen worden. Het is belangrijk om zonder overbelasting te rijden om belangrijke risico's te vermijden, zoals het voortijdig afslijten van de banden en de verhoging van de remafstand. Om ongevallen te vermijden moet de bestuurder steeds deze limiet voor ogen houden bij het aan boord nemen van inzittenden en het laden van bagage en bijkomende uitrustingen.

Opgelet: Om het nuttig laadvermogen te berekenen moet de tarra van het voertuig bepaald worden tijdens de weging. Daarom moet het voertuig op de volgende wijze voorgereden worden voor de weging:

  • zonder bestuurder
  • met brandstoftank (diesel of benzine en LPG) gevuld tot minimum 90%
  • met drinkbaar water- en gasreservoirs gevuld tot minimum 90%

Het verschil tussen de Maximaal Toegelaten Massa (MTM) en het resultaat van de weging moet groter dan of ten minste gelijk zijn aan 75 kg. Na de weging wordt een identificatieverslag opgesteld met de volgende gegevens:

  • de Maximaal Toegelaten Massa (MTM)
  • de tarra
  • het nuttig laadvermogen
  • het aantal zitplaatsen volgens het reglement

Indien het verschil kleiner is wordt het identificatieverslag niet opgesteld en wordt een rood keuringsbewijs met beperkte geldigheidsduur van 15 dagen afgeleverd.

Kampeeraanhangwagens

Het voertuig wordt in het keuringscentrum gewogen. Op basis van het resultaat van die weging wordt het nuttig laadvermogen berekend in de staat waarin het voertuig zich bevindt:

  • het gecarrosseerd voertuig
  • met drinkbaar water- en gasreservoirs zoals voorgereden (ze mogen leeg zijn)

De tarra moet gelijk zijn aan of kleiner zijn dan de Maximaal Toegelaten Massa. 
Na de weging wordt een identificatieverslag opgesteld met de volgende gegevens:

  • de Maximaal Toegelaten Massa (MTM)
  • de tarra (zoals gewogen in het keuringscentrum)
  • het nuttig laadvermogen = MTM - tarra

Indien het verschil groter is dan de MTM wordt het identificatieverslag niet opgesteld en wordt een rood keuringsbewijs met beperkte geldigheidsduur van 15 dagen afgeleverd.

STAP 4 - Mechanische staat en werking van de onderdelen van het voertuig

Elk onderdeel, elk element dat deel uitmaakt van de verplichte uitrusting wordt gekeurd overeenkomstig de reglementaire en technische voorschriften. De algemene staat, de werking, de bevestiging, de slag, de slijtage, lekken, lasnaden en gelijkvormigheid van de onderdelen worden gekeurd.

Hierna een overzicht van de te keuren groepen van elementen:

1. Reminrichting

  • bedrijfsrem
  • hulprem
  • parkeerrem

De keuring van de remmen wordt uitgevoerd op een remmentestbank en wordt vervolledigd door een visuele keuring van de inspecteur onder het voertuig.

2. Lichten, reflecterende inrichtingen en elektrische uitrustingen

  • grootlichten
  • dimlichten
  • standlichten
  • richtingaanwijzers
  • stoplichten
  • achtermistlichten
  • ...

De keuring van de lichten gebeurt aan de hand van een lichtregelaar en wordt vervolledigd door een visuele keuring van de inspecteur.

3. Stuurinrichting en stuur

4. Assen, wielen, banden en ophanging

De keuring van de ophanging wordt uitgevoerd op een ophangingstestbank en wordt vervolledigd door een visuele keuring van de inspecteur.

5. Chassis en chassistoebehoren

6. Carrosserie

7. Gezichtsveld

  • ruiten
  • achteruitkijkspiegels
  • ruitenwissers

8. De volgende specifieke onderdelen worden ook gekeurd

  • de veiligheidsgordels (plaats van de bestuurder en zitplaats naast het portier)
  • de cabine, de zetel van de bestuurder, de binnen- en buiteninrichting
  • toegangen en uitgangen van het voertuig
  • de zetels van de passagiers